Een weekend waarin niets moet. Het was eeuwen geleden.
En dan is niets moeten misschien overrated. Want je hebt altijd was om te wassen, strijk om te strijken, vuil frietvet om naar het containerpark te doen... Maar in elk geval. Eens een heel weekend, waarin je geen enkele geplande afspraak hebt. Het overkwam me dit weekend. En ik heb ervan genoten. Met volle teugen.
Vrijdagavond nodigde ik, redelijk spontaan, mijn ouders en broer uit. Ik had nog een half gevulde kip over van donderdag (Thanksgiving, weet u wel). En hoewel iedereen op zo'n vrijdagavond stikop is van de werkweek deed het deugd. Gezellig aan tafel zitten met een lekkere maaltijd (bescheidenheid is mijn ding niet, ik kan belachelijk goed koken) en een lekker glas wijn. En om het helemaal af te maken, een huisgemaakte limoncello.
Aangezien het eeuwen geleden was, ging ik dan vandaag lekker productief aan de slag. Een berg afwas verwerken (want ja, zo twee kleine feestjes op één week zorgt voor veel afwas). Een berg was verwerken (een proper kind ben ik ook al niet). Naar het containerpark, want dat vuil frietvet staat daar maar te staan en die kapotte stofzuiger ook. En net voor ik vertrok dacht ik, ja die loopschoenen, die staan daar ook maar in de kast. Dus ik bond ze aan, samen met mijn mooiste jogging. En op terugweg van het containerpark, maakte ik een tussenstop aan het stadspark voor een verkwikkend herfstloopje.
En dan kwam ik thuis. Een zalig warme douche. En dan alweer de fiets op. Want sinds het voornemen er bestaat om in 2016 de auto voorgoed van de hand te doen, vermijd ik nu al, ter voorbereiding, het gebruik van de auto. Dus, zo gezegd zo gedaan. Warme kleren aan, sjaal rond de hals en muts op en geen handschoenen (want laat ik nu net, van alle paren, het linkerexemplaar kwijt zijn).
Met de fiets naar het tuincentrum. Want maandag in de les, moet er weer gebloemschikt worden. En dat materiaal haalt zichzelf niet in huis. En daarna nog even naar de bloemist, want het tuincentrum heeft niet alles in voorraad. En dan nog even langs de supermarkt voor het avondeten. En een korte tussenstop in de winkelstraat, want net in die laatste panty, staat een gigantische ladder.
En dan kom je thuis, rond een uur of halfvier. En ben je stikdood. Alle boodschappen uitgeladen, ga ik liggen in de zetel. Met een goed boek, een glas wijn en een gevulde koelkast voor als ik honger krijg. Heerlijk. zo van die weekends waarin niets moet.7
Wat staat er morgen op de planning? Geen idee... De wekker staat niet. En al de rest, zijn zorgen voor morgen...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten