Een weekend waarin niets moet. Het was eeuwen geleden.
En dan is niets moeten misschien overrated. Want je hebt altijd was om te wassen, strijk om te strijken, vuil frietvet om naar het containerpark te doen... Maar in elk geval. Eens een heel weekend, waarin je geen enkele geplande afspraak hebt. Het overkwam me dit weekend. En ik heb ervan genoten. Met volle teugen.
Vrijdagavond nodigde ik, redelijk spontaan, mijn ouders en broer uit. Ik had nog een half gevulde kip over van donderdag (Thanksgiving, weet u wel). En hoewel iedereen op zo'n vrijdagavond stikop is van de werkweek deed het deugd. Gezellig aan tafel zitten met een lekkere maaltijd (bescheidenheid is mijn ding niet, ik kan belachelijk goed koken) en een lekker glas wijn. En om het helemaal af te maken, een huisgemaakte limoncello.
Aangezien het eeuwen geleden was, ging ik dan vandaag lekker productief aan de slag. Een berg afwas verwerken (want ja, zo twee kleine feestjes op één week zorgt voor veel afwas). Een berg was verwerken (een proper kind ben ik ook al niet). Naar het containerpark, want dat vuil frietvet staat daar maar te staan en die kapotte stofzuiger ook. En net voor ik vertrok dacht ik, ja die loopschoenen, die staan daar ook maar in de kast. Dus ik bond ze aan, samen met mijn mooiste jogging. En op terugweg van het containerpark, maakte ik een tussenstop aan het stadspark voor een verkwikkend herfstloopje.
En dan kwam ik thuis. Een zalig warme douche. En dan alweer de fiets op. Want sinds het voornemen er bestaat om in 2016 de auto voorgoed van de hand te doen, vermijd ik nu al, ter voorbereiding, het gebruik van de auto. Dus, zo gezegd zo gedaan. Warme kleren aan, sjaal rond de hals en muts op en geen handschoenen (want laat ik nu net, van alle paren, het linkerexemplaar kwijt zijn).
Met de fiets naar het tuincentrum. Want maandag in de les, moet er weer gebloemschikt worden. En dat materiaal haalt zichzelf niet in huis. En daarna nog even naar de bloemist, want het tuincentrum heeft niet alles in voorraad. En dan nog even langs de supermarkt voor het avondeten. En een korte tussenstop in de winkelstraat, want net in die laatste panty, staat een gigantische ladder.
En dan kom je thuis, rond een uur of halfvier. En ben je stikdood. Alle boodschappen uitgeladen, ga ik liggen in de zetel. Met een goed boek, een glas wijn en een gevulde koelkast voor als ik honger krijg. Heerlijk. zo van die weekends waarin niets moet.7
Wat staat er morgen op de planning? Geen idee... De wekker staat niet. En al de rest, zijn zorgen voor morgen...
Dag allemaal! Ik ben Marieke, 32 zomers jong. Ik denk vaak na, praat nog veel meer en ik schrijf mijn ideeën, bedenkingen, verzinsels en dromen in een blog. Iedereen is welkom om mijn gedachten die in de Kempen opborrelen te volgen. Veel leesplezier!
Zoeken in deze blog
zaterdag 28 november 2015
vrijdag 20 november 2015
Parijs
Vrijdagavond 13 november was ik, zoals het behoort na een stevige werkweek, in slaap gevallen op de zetel. Toen ik mijn bed opzocht, flikkerde mijn GSM en verscheen er een 'breaking news' melding op mijn scherm: '18 doden bij aanslag in Parijs'. Ik was echter zo moe, dat ik het bericht negeerde en in een bodemloze slaap viel. Zaterdagochtend was er de keiharde realiteit. Tientallen mensen lieten het leven bij verschillende aanslagen, honderden anderen raakten gewond. En de Westerse wereld staat in rep en roer.
De wereld verandert massaal zijn profielfoto in de Franse driekleur, ook ik. En dan meteen de vraag in mijn achterhoofd, wanneer moet ik die profielfoto nu terug veranderen? Als de daders zijn gevat, als terreur uit de wereld is, als de slachtoffers hersteld zijn of als de families die iemand verloren hun intense verdriet te boven komen? En volgende keer gebeurt er misschien een aanslag in hartje Brussel of Berlijn? Verander ik hem dan weer? Waarschijnlijk wel. Want ik heb het gevoel dat ik iets moet doen. Om mijn solidariteit te tonen. Later las ik dan over de verschillende andere menselijke drama's in de wereld, waar de media niet eens over berichtte. En wilde ik die profielfoto weer veranderen. Ik deed het niet. Want ook ik ben maar een mens. Ik kan het gewicht van de wereld niet alleen dragen.
En het leven trekt zich ongenadig opnieuw op gang. Maar bij elk nieuw bericht krijg ik de neiging om weer in mijn bed te kruipen en de dekens over mijn hoofd te trekken. Ik vraag mij echt af hoe het we gekomen zijn op dit punt. Waar is dit misgelopen? Wat hadden we anders kunnen doen? En ik schrijf we, want elke mens heeft op een bepaalde manier een aandeel in dit drama. Door een stem uit te brengen tijdens verkiezingen, door klant te zijn bij een bank die betrokken is in wapenhandel, door iemand te veroordelen op basis van zijn cultuur, ... En dan voel ik me schuldig, want ook ik ben klant van zo'n bank. In dat laatste hoop ik verandering te kunnen brengen: op de website van Bankwijzer kan je kijken hoe je bank scoort op vlak van acht relevante maatschappelijke thema's. Druppels op de hete plaat, maar wat kan ik anders?
En dan, de toekomst. Wat gebeurt er nu? Ik vraag me zelfs niet meer af of er zoiets bij ons zal gebeuren, maar eerder wanneer. Naar mijn gevoel is de situatie totaal ontspoord. Er heerst totale willekeur (of zo lijkt het toch). En ergens beangstigt me dat enorm. Ga ik nu mijn levensstijl veranderen? Ik wil zo graag volmondig nee antwoorden, maar ergens lukt me dat niet. Maandagavond zat ik in de auto op weg naar de wekelijkse avondles. En voelde ik me inderdaad wat bang zo op weg naar Antwerpen, want dat is wel een grote stad. Met vele doelwitten voor mensen die angst en terreur willen zaaien. En wat als ik, of iemand van mijn familie of vrienden zich de volgende keer op de verkeerde plek op het verkeerd moment bevindt? Wat doe ik dan? En echt beschermd voel ik me niet door de militairen die zwaarbewapend rondwandelen door de stad. Integendeel, het voedt mijn angst nog meer.
Zaterdagavond ging ik dan naar een cabaret. 'Dag Rex', van Koen Cools & Dagmar Feyen trio. En die avond bezorgde me meermaals kippenvel, maar vooral de opening. Ik wil jullie dit stukje uit de pen van Koen Cools niet onthouden.
't is vreemd om op een dag als deze vrolijkheid te tonen
de lichtstad staat een tweede keer dit jaar in vuur en vlam
met noodtoestanden - perimeters - bussen - folie - chaos
het leven op een plek die bruist ligt plotseling weer lam
en toch is er maar één recept om dit het hoofd te bieden
't is oud - solide - logisch - 't is niet hip en ook niet stoer
het is gewoon noodzakelijk - het is van alle tijden
het dient de hele wereld: l'amour
donderdag 3 september 2015
Op de vlucht.
Ik kan de krant niet opendoen of er verschijnen beelden die op mijn netvlies gebrand staan. Mijn keel wordt dichtgeknepen bij zoveel onrecht. Ik word witheet van woede als ik de zoveelste banner op Facebook zie verschijnen met hoeveel geld al die luxepaardjes van asielzoekers hier wel niet krijgen.
Ik kan dit bijna niet meer aan. Elke dag gaat de helft van het nieuws over de aanzienlijke stroom vluchtelingen die de vreselijke situatie in hun thuisland ontvlucht. Over compleet ontheemde mensen die niet enkel in hun laatste restje thuis zijn kwijtgeraakt, maar dan onderweg ook nog hun (hele) familie.
Er zijn er nog steeds mensen die blijkbaar vinden dat wij niet verantwoordelijk zijn voor het oplossen van dit probleem. Maar dat zijn we verdorie wel. Wij hebben het niet meegemaakt, maar ik hoor nog vaak de verhalen van mijn grootouders over de tweede wereldoorlog. Een dikke 70 jaar geleden vluchtten vier miljoen Belgen de grenzen over op zoek naar veiligheid, stabiliteit en een beter leven.
De buurlanden van de landen waaruit nu de meeste vluchtelingen komen vangen nu al het gros van hen op. Maar zij hebben zoveel minder mogelijkheden dan het rijke Westen enerzijds en veel meer eigen problemen anderzijds. Net zoals de tijdsgeest helemaal veranderd is. Als je de dag van vandaag een gemiddelde vluchteling bent, dan weet je enerzijds dat je kan kiezen om van de regen in de drop te komen (door te kiezen voor een al even politiek instabiel, arm land). Of je kan het heft in eigen handen nemen en echt kiezen voor een kans voor jezelf, je gezin en je toekomst. En echt vertrekken naar het beloofde land.
Ik durf er mijn hoofd om verwedden dat iedereen het liefst in zijn geboorteland zou blijven. Als je daar een menswaardig bestaan hebt. Als ikzelf ergens moest leven waarbij ik 's ochtends niet weet of en hoe ik de dag moet overleven, dan pakte ik mijn boeltje en vertrok ik. Want zo ben ik grootgebracht. Dat je alle kansen in je leven moet grijpen, dat geluk je doel is. Waarom zou dat dan anders zijn voor de gemiddelde Syriër, Irakees of Afghaan?
Maar tegelijk besef ik dat ik hier wel mijn grote verontwaardiging kan neerpennen. Maar daarmee zijn die honderden mensen die elke dag staan aan te schuiven aan de dienst Vreemdelingenzaken niet mee geholpen. Dus ik wil helpen. Ik weet alleen echt niet waar te beginnen.
Om te beginnen heb ik maar een mailtje gestuurd naar een vriend, die in het asielcentrum van Arendonk werkt. Misschien kunnen ze af en toe wel een vrijwillige helpende hand gebruiken. En ga ik eens uitzoeken hoe dat precies zit om voogd te worden van een niet-begeleide-minderjarige.
Eén druppel op een hete plaat maakt geen verschil. Maar als we allemaal 1 druppel geven, hebben we wel een goei bui. En die doet de hitte altijd een paar graden afnemen.
Ik kan dit bijna niet meer aan. Elke dag gaat de helft van het nieuws over de aanzienlijke stroom vluchtelingen die de vreselijke situatie in hun thuisland ontvlucht. Over compleet ontheemde mensen die niet enkel in hun laatste restje thuis zijn kwijtgeraakt, maar dan onderweg ook nog hun (hele) familie.
Er zijn er nog steeds mensen die blijkbaar vinden dat wij niet verantwoordelijk zijn voor het oplossen van dit probleem. Maar dat zijn we verdorie wel. Wij hebben het niet meegemaakt, maar ik hoor nog vaak de verhalen van mijn grootouders over de tweede wereldoorlog. Een dikke 70 jaar geleden vluchtten vier miljoen Belgen de grenzen over op zoek naar veiligheid, stabiliteit en een beter leven.
De buurlanden van de landen waaruit nu de meeste vluchtelingen komen vangen nu al het gros van hen op. Maar zij hebben zoveel minder mogelijkheden dan het rijke Westen enerzijds en veel meer eigen problemen anderzijds. Net zoals de tijdsgeest helemaal veranderd is. Als je de dag van vandaag een gemiddelde vluchteling bent, dan weet je enerzijds dat je kan kiezen om van de regen in de drop te komen (door te kiezen voor een al even politiek instabiel, arm land). Of je kan het heft in eigen handen nemen en echt kiezen voor een kans voor jezelf, je gezin en je toekomst. En echt vertrekken naar het beloofde land.
Ik durf er mijn hoofd om verwedden dat iedereen het liefst in zijn geboorteland zou blijven. Als je daar een menswaardig bestaan hebt. Als ikzelf ergens moest leven waarbij ik 's ochtends niet weet of en hoe ik de dag moet overleven, dan pakte ik mijn boeltje en vertrok ik. Want zo ben ik grootgebracht. Dat je alle kansen in je leven moet grijpen, dat geluk je doel is. Waarom zou dat dan anders zijn voor de gemiddelde Syriër, Irakees of Afghaan?
Maar tegelijk besef ik dat ik hier wel mijn grote verontwaardiging kan neerpennen. Maar daarmee zijn die honderden mensen die elke dag staan aan te schuiven aan de dienst Vreemdelingenzaken niet mee geholpen. Dus ik wil helpen. Ik weet alleen echt niet waar te beginnen.
Om te beginnen heb ik maar een mailtje gestuurd naar een vriend, die in het asielcentrum van Arendonk werkt. Misschien kunnen ze af en toe wel een vrijwillige helpende hand gebruiken. En ga ik eens uitzoeken hoe dat precies zit om voogd te worden van een niet-begeleide-minderjarige.
Eén druppel op een hete plaat maakt geen verschil. Maar als we allemaal 1 druppel geven, hebben we wel een goei bui. En die doet de hitte altijd een paar graden afnemen.
dinsdag 28 juli 2015
Groeien
Ik sta niet alleen in deze wereld. En hoewel dat dat besef me ergens troost geeft maakt dat het leven ook ergens gecompliceerder. Want menselijke relaties zijn niet makkelijk. Ik heb mijn eigen wereld, mijn eigen realiteit. Maar ik sta ook continue in verbinding met anderen. Elke actie die ik onderneem (of net niet) heeft gevolgen voor de mensen rondom mij. Alles wat ik zeg (of net niet) heeft gevolgen. Voor de mensen rondom mij, die dichtbij mij staan minstens. Soms zijn de gevolgen van je eigen acties nog veel groter.
En dat maakt het soms zo moeilijk. Want ik kan een geweldige dag hebben, mij helemaal top voelen en dat willen delen met anderen. Of ik kan een vreselijke dag hebben, me helemaal kapot voelen en dat ook willen delen met anderen. Maar wat voor dag hebben zij? Hoe voelen zij zich? Wat betekent dit voor hen? Ik storm dan een ander leven binnen, met mijn verhaal, mij grotendeels onbewust van hoe die andere persoon zich op dat moment voelt.
Ik voel mezelf vaak onbewust. Ik leef altijd ergens op een eilandje en heel veel dingen gaan aan me voorbij. Ik leef in een droomwereld (die trouwens niet altijd mooi is). Maar langs de andere kant ben ik me hyperbewust. Als ik weer totaal bezeten van iets toch een aantal verplichtingen onderga. En dan ergens aan de kassa van een supermarkt sta en me afvraag wat het punt is van dit alles. Waarom sommige alledaagse dingen, die zo nutteloos lijken toch moeten gebeuren.
En op een ander moment ben ik de oppervlakkigheid zelve. Kijk ik naar belachelijke TV-programma's en kan ik mij er nog echt mee amuseren ook. En om me dan drie seconden later vreselijk schuldig te voelen. Want hoe kan ik nu naar een TV-programma kijken als er mensen zijn die niet weten hoe ze deze dag moeten overleven. Om me dan weer drie seconden later een geweldige snob te vinden voor deze gedachte, want ik kan ze wel denken maar tegelijkertijd verander ik helemaal niks.
Soms zou het echt fijn zijn moest ik weten dat er iemand dezelfde dingen denkt als ik. Dezelfde dingen voelt, dat ik niet de enige ben. Ik streef er altijd naar een beter mens te zijn. Maar soms ben ik moe van te streven en zou ik liever een beetje gewoon zijn. En mijn hoofd af en toe kunnen uitzetten.
maandag 20 juli 2015
Vriendschap en liefde
Ik heb nooit echt begrepen hoe het zat. En ik denk dat ik het misschien nog altijd niet begrijp. Maar dat hoeft niet meer. Dat besef maakt dat er een enorme last van mijn schouders is gevallen. Ergens tussen het tweede en derde glas rioja voelde ik alles lichter worden.
Graag zien is universeel, niet definieerbaar en tegelijkertijd zo specifiek. Bepaalde soorten graag zien komen echt maar heel zelden voor. Graag zien is loslaten. Om het dan weer terug te vinden. Anders, maar zoveel beter.
Liefde is soms onmogelijk en laat zich niet dwingen. Dat heb ik intussen ook begrepen. Dat je met willen en kunnen nergens komt. En dat het loslaten maakt dat de liefde je weer vindt. En inderdaad, zij moest mij vinden, niet andersom. Ik kan de liefde niet zoeken noch vasthouden of begrijpen. Ze is alles en overal, nergens tegelijk. Ze vervult me van top tot teen om me dan weer genadeloos achter te laten, met een gapende leegte en mooie herinneringen als enige bewijs van wat ooit was.
En toch blijf ik uitkijken naar die liefde. Want ik besef, dat ik moet openstaan voor haar. Want als ik mijn hart gesloten hou en mijn ogen dicht, word ik op een dag wakker en besef ik dat ze mij rakelings passeerde en dat al wat ik moest doen, mijn hand uitsteken was. Dus hier sta ik. Met mijn hand, ogen en hart geopend.
Gelukkig is er vriendschap. Want vriendschap is liefde, maar dan een beetje anders. Vriendschap gaat verder. Door de afstand binnen vriendschap kom je net veel dichter. Het engagement is veel groter. Maar ook het belang. Zonder liefde kan ik leven. want de liefde overkomt me. Maar zonder vriendschap, houd ik het geen seconde uit. Vriendschap is mijn keuze, mijn beslissing, mijn engagement. En je kan maar hopen iemand tegen te komen die dezelfde keuze maakt, dezelfde beslissing neemt en hetzelfde engagement wil aangaan. Want als je dat één keer gevonden hebt, dan is alles mogelijk.
Graag zien is universeel, niet definieerbaar en tegelijkertijd zo specifiek. Bepaalde soorten graag zien komen echt maar heel zelden voor. Graag zien is loslaten. Om het dan weer terug te vinden. Anders, maar zoveel beter.
Liefde is soms onmogelijk en laat zich niet dwingen. Dat heb ik intussen ook begrepen. Dat je met willen en kunnen nergens komt. En dat het loslaten maakt dat de liefde je weer vindt. En inderdaad, zij moest mij vinden, niet andersom. Ik kan de liefde niet zoeken noch vasthouden of begrijpen. Ze is alles en overal, nergens tegelijk. Ze vervult me van top tot teen om me dan weer genadeloos achter te laten, met een gapende leegte en mooie herinneringen als enige bewijs van wat ooit was.
En toch blijf ik uitkijken naar die liefde. Want ik besef, dat ik moet openstaan voor haar. Want als ik mijn hart gesloten hou en mijn ogen dicht, word ik op een dag wakker en besef ik dat ze mij rakelings passeerde en dat al wat ik moest doen, mijn hand uitsteken was. Dus hier sta ik. Met mijn hand, ogen en hart geopend.
Gelukkig is er vriendschap. Want vriendschap is liefde, maar dan een beetje anders. Vriendschap gaat verder. Door de afstand binnen vriendschap kom je net veel dichter. Het engagement is veel groter. Maar ook het belang. Zonder liefde kan ik leven. want de liefde overkomt me. Maar zonder vriendschap, houd ik het geen seconde uit. Vriendschap is mijn keuze, mijn beslissing, mijn engagement. En je kan maar hopen iemand tegen te komen die dezelfde keuze maakt, dezelfde beslissing neemt en hetzelfde engagement wil aangaan. Want als je dat één keer gevonden hebt, dan is alles mogelijk.
woensdag 8 juli 2015
Vetrolletjes
27 kilo lichter dan een jaar geleden besloot ik dat het tijd was om de confrontatie met de genadeloze spiegel in het pashokje aan te gaan en te gaan winkelen. Deze zomer staat er een weekje Zuid-Frankrijk op het menu, een gezellige camping met zwembad. Dus de badkledij dient vernieuwd te worden en ik besloot dat het opnieuw tijd was voor jawel, een bikini. U weet wel zo een tweedelig lapje stof, dat weinig verhult en vooral veel (kwetsbare) zones bloot laat.
Want zeg nu zelf, een badpak kan ook best mooi zijn, maar niet altijd even praktisch (probeer maar eens met een nat badpak naar het toilet te gaan, een ware marteling). Nu die 27 kilo er af is vind ik van mezelf dat mijn lijf een heel pak toonbaarder is geworden en ik dus ook (opnieuw) klaar ben om dit stukje van mezelf te tonen aan de wereld. Met goede moed vertrok ik naar een gespecialiseerde zaak in de omgeving. En die goede moed bleek terecht. Niet enkel vond ik vlot enkele leuke setjes, ook na het aantrekken bekeek ik mezelf kritisch in de spiegel en was ik tevreden. Ik zal nooit van mezelf zeggen dat ik de perfecte maten heb, noch kan ik ontkennen dat er hier en daar geen vetrolletje te veel aanhangt. Wel kon ik objectief zeggen van mezelf dat er niets 'abnormaals' in de spiegel te zien was. Een vrouw van 28 in een bikini. Ik kon zelfs niet kiezen en kocht 2 setjes ineens die niet afgeprijsd waren (wat ik dan goedpraatte voor mezelf, want het was nu ook al wel 10 jaar geleden dat ik nog eens een bikini kocht).
Ik voelde me echt geweldig op dat moment. Vroeger, toen er veel te veel kilo's op de weegschaal stonden was een bikini of badpak kopen een ware marteling. Iets wat ik echt liever vermeed en enkel in uiterste nood deed. Meestal eindigde dit in een (stiekeme) huilbui in het pashokje en het voornemen om er toch echt iets aan te doen.
Maar terwijl ik daar bikini na bikini stond te passen in dat pashokje, gebeurde er in het pashokje naast mij iets vreemds. Een meisje van een jaar of 17 was ook bikini's aan het passen. En voor haar was het een ware marteling. Ik hoorde haar dingen zeggen als "Ik zie er uit als een dik kalf", en "Kijk mama, zie al die vetrollen". De mama haalde setje na setje uit de winkel, maar niets mocht baten. Ik was gechoqueerd, want het meisje dat ik had gezien voor ze het pashokje binnenging was heel gewoon. Ze zag er in mijn ogen meer dan prima uit, helemaal geen vetrolletjes te bespeuren. Het hele debacle eindigde zonder bikini voor haar, tranen met tuiten en een mama die de wanhoop nabij was.
En toen besefte ik, er is iets mis met deze maatschappij. Ik stond daar, in mijn maat 42 trots te wezen op mijn afgeslankte lijf mét vetrolletjes. En zij stond daar onzeker te wezen in haar lijf dat het schoonheidsideaal veel beter benaderd. Ik zag enkel de pluspunten, zij enkel de minpunten.
Maar hoe komt het toch? Dat een meisje van 17 waar helemaal niks mis mee is het pashokje niet uit durft? En dan vraag ik me ook af, wat zullen andere mensen denken als ze mij in mijn niet perfecte maten en vetrolletjes in bikini zien...
Ik ben intussen 28 en heb het losgelaten. Ik weet dat er waarschijnlijk mensen zijn die denken dat ik helemaal geen bikini hoor aan te trekken, dat ik beter een figuur corrigerend badpak draag en als ik niet in het water zit een short aandoe en een hemdje erover. Maar dat weiger ik pertinent. Sinds kort. Daar moest ik wel eerst mezelf goed voor voelen en mijn lijf, zoals het is, leren aanvaarden.
Vroeger was het mijn eigen keuze om geen bikini te dragen, omdat ik mezelf echt niet goed in mijn vel voelde. Ik wou dat ik toen wel de moed had om het te doen, want iedereen moet voor zichzelf kunnen kiezen wat je draagt en wat niet, ongeacht welk figuur of welke maat je hebt. En een welgemeende middelvinger opsteken naar dat schoonheidsideaal. Maar ik voelde me niet goed, besefte in elk pashokje dat mijn lichaam verre van dat schoonheidsideaal lag. Dus volgde ik het ook willoos. Maar dat maakt ook, dat ik mee schuldig ben aan het drama in het pashokje naast mij.
We staan allemaal op de barricade als een bepaald kledingmerk weigert om kledij voor de 'grotere maten' te maken, we vinden het vreselijk dat zoveel jonge meisjes een eetstoornis hebben, we roepen allemaal dat modellen een weerspiegeling moeten zijn van de echte vrouw en geen uitgehongerd, vormeloos lijf mogen hebben. Maar langs de andere kant schikken we ons zelf naar die idealen, vinden we van onszelf dat we inderdaad beter geen bikini dragen en kijken we reikhalzend naar de modebladen en dromen we van dat maatje dat we nooit zullen hebben. In plaats van allemaal wat minder bezig te zijn wat anderen denken en er meer voor te zorgen dat anderen weten dat hun schoonheid (in welke maat of vorm dan ook) geapprecieerd wordt.
Want zeg nu zelf, een badpak kan ook best mooi zijn, maar niet altijd even praktisch (probeer maar eens met een nat badpak naar het toilet te gaan, een ware marteling). Nu die 27 kilo er af is vind ik van mezelf dat mijn lijf een heel pak toonbaarder is geworden en ik dus ook (opnieuw) klaar ben om dit stukje van mezelf te tonen aan de wereld. Met goede moed vertrok ik naar een gespecialiseerde zaak in de omgeving. En die goede moed bleek terecht. Niet enkel vond ik vlot enkele leuke setjes, ook na het aantrekken bekeek ik mezelf kritisch in de spiegel en was ik tevreden. Ik zal nooit van mezelf zeggen dat ik de perfecte maten heb, noch kan ik ontkennen dat er hier en daar geen vetrolletje te veel aanhangt. Wel kon ik objectief zeggen van mezelf dat er niets 'abnormaals' in de spiegel te zien was. Een vrouw van 28 in een bikini. Ik kon zelfs niet kiezen en kocht 2 setjes ineens die niet afgeprijsd waren (wat ik dan goedpraatte voor mezelf, want het was nu ook al wel 10 jaar geleden dat ik nog eens een bikini kocht).
Ik voelde me echt geweldig op dat moment. Vroeger, toen er veel te veel kilo's op de weegschaal stonden was een bikini of badpak kopen een ware marteling. Iets wat ik echt liever vermeed en enkel in uiterste nood deed. Meestal eindigde dit in een (stiekeme) huilbui in het pashokje en het voornemen om er toch echt iets aan te doen.
Maar terwijl ik daar bikini na bikini stond te passen in dat pashokje, gebeurde er in het pashokje naast mij iets vreemds. Een meisje van een jaar of 17 was ook bikini's aan het passen. En voor haar was het een ware marteling. Ik hoorde haar dingen zeggen als "Ik zie er uit als een dik kalf", en "Kijk mama, zie al die vetrollen". De mama haalde setje na setje uit de winkel, maar niets mocht baten. Ik was gechoqueerd, want het meisje dat ik had gezien voor ze het pashokje binnenging was heel gewoon. Ze zag er in mijn ogen meer dan prima uit, helemaal geen vetrolletjes te bespeuren. Het hele debacle eindigde zonder bikini voor haar, tranen met tuiten en een mama die de wanhoop nabij was.
En toen besefte ik, er is iets mis met deze maatschappij. Ik stond daar, in mijn maat 42 trots te wezen op mijn afgeslankte lijf mét vetrolletjes. En zij stond daar onzeker te wezen in haar lijf dat het schoonheidsideaal veel beter benaderd. Ik zag enkel de pluspunten, zij enkel de minpunten.
Maar hoe komt het toch? Dat een meisje van 17 waar helemaal niks mis mee is het pashokje niet uit durft? En dan vraag ik me ook af, wat zullen andere mensen denken als ze mij in mijn niet perfecte maten en vetrolletjes in bikini zien...
Ik ben intussen 28 en heb het losgelaten. Ik weet dat er waarschijnlijk mensen zijn die denken dat ik helemaal geen bikini hoor aan te trekken, dat ik beter een figuur corrigerend badpak draag en als ik niet in het water zit een short aandoe en een hemdje erover. Maar dat weiger ik pertinent. Sinds kort. Daar moest ik wel eerst mezelf goed voor voelen en mijn lijf, zoals het is, leren aanvaarden.
Vroeger was het mijn eigen keuze om geen bikini te dragen, omdat ik mezelf echt niet goed in mijn vel voelde. Ik wou dat ik toen wel de moed had om het te doen, want iedereen moet voor zichzelf kunnen kiezen wat je draagt en wat niet, ongeacht welk figuur of welke maat je hebt. En een welgemeende middelvinger opsteken naar dat schoonheidsideaal. Maar ik voelde me niet goed, besefte in elk pashokje dat mijn lichaam verre van dat schoonheidsideaal lag. Dus volgde ik het ook willoos. Maar dat maakt ook, dat ik mee schuldig ben aan het drama in het pashokje naast mij.
We staan allemaal op de barricade als een bepaald kledingmerk weigert om kledij voor de 'grotere maten' te maken, we vinden het vreselijk dat zoveel jonge meisjes een eetstoornis hebben, we roepen allemaal dat modellen een weerspiegeling moeten zijn van de echte vrouw en geen uitgehongerd, vormeloos lijf mogen hebben. Maar langs de andere kant schikken we ons zelf naar die idealen, vinden we van onszelf dat we inderdaad beter geen bikini dragen en kijken we reikhalzend naar de modebladen en dromen we van dat maatje dat we nooit zullen hebben. In plaats van allemaal wat minder bezig te zijn wat anderen denken en er meer voor te zorgen dat anderen weten dat hun schoonheid (in welke maat of vorm dan ook) geapprecieerd wordt.
maandag 8 juni 2015
Wat als..
Hebben we altijd een definitie nodig? Moeten we altijd willen vormgeven wat er is? Moet alles perfect in een bepaald hokje passen?
Soms lijken dingen iets te zijn dat er niet is. Of geven we een naam aan iets, maar lijkt het iets helemaal anders te zijn. En zijn we bang van ons leven anders te leven dan de definitie die we allemaal kennen.
We doen zoveel dingen voor de schijn. We leven ons leven alsof we het allemaal weten. Ik weet helemaal niks. Ik heb geen idee wat er morgen gaat gebeuren.
Maar ik ben zo benieuwd. Ik kijk uit naar morgen. Ik leef het leven alsof elke dag misschien mijn laatste kan zijn. En ik probeer goed te doen, lief te hebben en de wereld een betere plek te maken. Want morgen komt misschien niet meer.
Ik hoop dat het genoeg is. Ik heb veel te bieden, maar niet meer dan dat. Ik ben niet de zon noch de maan.
Ik ben van niets zeker. Maar voor het eerst ben ik er niet meer bang van. Want wat er ook gebeurt, ik weet dat er altijd weer opnieuw een morgen is. En dat het nooit te laat is om iets nieuws te proberen. Om zelf te zoeken naar je antwoord. En dat iets wat je gisteren zei, morgen onwaar kan zijn. Want morgen is altijd een nieuwe dag.
En als morgen niet komt, dan is dat ook goed. Want dan heb ik zijn minst vandaag geleefd.
Soms lijken dingen iets te zijn dat er niet is. Of geven we een naam aan iets, maar lijkt het iets helemaal anders te zijn. En zijn we bang van ons leven anders te leven dan de definitie die we allemaal kennen.
We doen zoveel dingen voor de schijn. We leven ons leven alsof we het allemaal weten. Ik weet helemaal niks. Ik heb geen idee wat er morgen gaat gebeuren.
Maar ik ben zo benieuwd. Ik kijk uit naar morgen. Ik leef het leven alsof elke dag misschien mijn laatste kan zijn. En ik probeer goed te doen, lief te hebben en de wereld een betere plek te maken. Want morgen komt misschien niet meer.
Ik hoop dat het genoeg is. Ik heb veel te bieden, maar niet meer dan dat. Ik ben niet de zon noch de maan.
Ik ben van niets zeker. Maar voor het eerst ben ik er niet meer bang van. Want wat er ook gebeurt, ik weet dat er altijd weer opnieuw een morgen is. En dat het nooit te laat is om iets nieuws te proberen. Om zelf te zoeken naar je antwoord. En dat iets wat je gisteren zei, morgen onwaar kan zijn. Want morgen is altijd een nieuwe dag.
En als morgen niet komt, dan is dat ook goed. Want dan heb ik zijn minst vandaag geleefd.
donderdag 14 mei 2015
Wakker liggen
Vanavond is weer zo één van die avonden. Waarop ik het lichtje naast mijn bed niet kan uitdoen. Want dan overvalt de angst me.
Ik zit hier wat te tokkelen op mijne ubercoole smartphone. En tegelijk kan ik denken aan honderd andere dingen, speelt er een steengoeie plaat op de achtergrond. Maar hoe kan dat allemaal?
Ik stel mezelf vanavond voor de zoveelste keer de existentiële levensvraag. En het grote probleem is dat ik ook vanavond weer geen antwoord ga vinden. En ik ben er vanavond ook weer vrij zeker van ik het nooit ga vinden.
Hoe komen wij hier? En waar gaan we naartoe? Niemand weet het. Maar ook zoveel mensen lijken zich dat totaal niet af te vragen.
Integendeel. Zoveel mensen zijn enkel bezig met zichzelf en de problemen in hun leven. Zoveel mensen kijken niet verder dan hun neus lang is. En ik weet niet wat me het meest beangstigt. Het feit dat ik me die vragen stel en geen antwoord vind, of het feit dat zoveel mensen zich die vragen niet stellen. Misschien moet ik daar vannacht maar eens van wakker liggen.
Ik zit hier wat te tokkelen op mijne ubercoole smartphone. En tegelijk kan ik denken aan honderd andere dingen, speelt er een steengoeie plaat op de achtergrond. Maar hoe kan dat allemaal?
Ik stel mezelf vanavond voor de zoveelste keer de existentiële levensvraag. En het grote probleem is dat ik ook vanavond weer geen antwoord ga vinden. En ik ben er vanavond ook weer vrij zeker van ik het nooit ga vinden.
Hoe komen wij hier? En waar gaan we naartoe? Niemand weet het. Maar ook zoveel mensen lijken zich dat totaal niet af te vragen.
Integendeel. Zoveel mensen zijn enkel bezig met zichzelf en de problemen in hun leven. Zoveel mensen kijken niet verder dan hun neus lang is. En ik weet niet wat me het meest beangstigt. Het feit dat ik me die vragen stel en geen antwoord vind, of het feit dat zoveel mensen zich die vragen niet stellen. Misschien moet ik daar vannacht maar eens van wakker liggen.
maandag 30 maart 2015
Waarom
Waarom lijkt de grote vraag te zijn die iedereen zich stelt.
Alsof een reden iets veranderd aan het uiteindelijke gevolg. Alsof we het dan wel beter kunnen begrijpen. Alsof het antwoord op die vraag zal maken dat we verder kunnen met ons leven.
'Waarom' impliceert ook al dat het een keuze was, dat alles bewust gebeurde. En ik kijk rond en ik vraag me af wat er gebeurde? Wat liep er mis?
En wat nu? Gaan we alles omgooien? Gaan we het helemaal anders doen? Gaan we alles veranderen, opdat het niet meer zou mislopen? Hebben we de kracht én de macht om te voorkomen dat het nog eens misloopt?
Persoonlijk? Ik heb geen idee wat er gebeurde. En ik vraag me ook af of ik het ooit zal weten. Ik denk van niet. Laat staan dat ik ooit een antwoord op de vraag 'waarom' krijg. Als er al een 'waarom' is.
Het enige wat ik weet, is dat er een vliegtuig met honderdvijftig inzittenden tegen de flank van een berg is neergestort. En dat die honderdvijftig inzittenden allemaal zijn omgekomen. En dat alle hondervijftig inzittenden iemands kind, broer, zus, neef, nicht, tante, nonkel, mama, papa, vriend of vriendin waren. Ook Andreas Lubitz, een jongeman net zo oud als ik.
Laat ons alsjeblieft ook dat niet vergeten. Ook hij was geliefd. Ook hij heeft een familie en vrienden die rouwen. En tot vandaag weet niemand wat er precies in dat vliegtuig gebeurde. Laat ons ook dat niet vergeten.
Alsof een reden iets veranderd aan het uiteindelijke gevolg. Alsof we het dan wel beter kunnen begrijpen. Alsof het antwoord op die vraag zal maken dat we verder kunnen met ons leven.
'Waarom' impliceert ook al dat het een keuze was, dat alles bewust gebeurde. En ik kijk rond en ik vraag me af wat er gebeurde? Wat liep er mis?
En wat nu? Gaan we alles omgooien? Gaan we het helemaal anders doen? Gaan we alles veranderen, opdat het niet meer zou mislopen? Hebben we de kracht én de macht om te voorkomen dat het nog eens misloopt?
Persoonlijk? Ik heb geen idee wat er gebeurde. En ik vraag me ook af of ik het ooit zal weten. Ik denk van niet. Laat staan dat ik ooit een antwoord op de vraag 'waarom' krijg. Als er al een 'waarom' is.
Het enige wat ik weet, is dat er een vliegtuig met honderdvijftig inzittenden tegen de flank van een berg is neergestort. En dat die honderdvijftig inzittenden allemaal zijn omgekomen. En dat alle hondervijftig inzittenden iemands kind, broer, zus, neef, nicht, tante, nonkel, mama, papa, vriend of vriendin waren. Ook Andreas Lubitz, een jongeman net zo oud als ik.
Laat ons alsjeblieft ook dat niet vergeten. Ook hij was geliefd. Ook hij heeft een familie en vrienden die rouwen. En tot vandaag weet niemand wat er precies in dat vliegtuig gebeurde. Laat ons ook dat niet vergeten.
maandag 23 maart 2015
"If we don't do something now, then we'll never know. If we stay here too long then we'll, never grow old. So, before it's too late and it's killing you. We've only one life to live. So love what you do.". (The Script - It's not right for you)
Soms kijk ik achteruit. Of vooruit. En geen van beiden lijkt iets op te leveren. ik heb spijt van keuzes die ik maakte in het verleden. En kijk met een bang hart naar de toekomst, want hoe hard ik ook wil, ik weet niet wat ie brengen zal. Soms denk ik dat ik minder vragen moet stellen en meer moet leven. Maar zal ik dan de antwoorden vinden die ik al zo lang zoek en maar niet lijk te vinden?
Bij elke stap vraag ik me af of het de juiste is. Bij elke gebeurtenis vraag ik me af, is dit zomaar, willekeurig? Of zit er meer achter? Moet ik dingen loslaten? Of net meer moeite doen om ze vast te houden? Moet ik nadenken voor ik iets zeg? Of net uitspreken wat er in mijn hart zit?
"I'm still alive, but I'm barely breathing. Just praying to a God I don't believe in." (The Script - Breakeven)
Soms zou ik zo graag geloof hebben. Blind geloven en weten dat alles goed komt. Jezelf niet hoeven te vermoeien met al die moeilijke vragen. Een antwoord hebben op elke vraag 'omdat het zo moest zijn, want God heeft een ander plan voor jou.'
Maar langs de andere kant, hou ik van het feit dat ik mijn eigen waarheid kan bepalen. Dat ik kan geloven dat sommige dingen nu eenmaal onvermijdelijk zijn. En dat ieder voor zich zijn eigen waarheid heeft. En dat de menselijke relaties ondoorgrondelijk zijn. Dat mijn beeld uniek is. Daar kan ik in geloven, maar dat maakt me ook zo eenzaam. Want wat ik voel, kan nooit iemand anders volledig doorgronden. En hoeveel relaties je ook aangaat. Op 't einde van de rit, is iedereen alleen.
"Yeah, we always have a good time. Whether it's hail rain or it's sunshine. Yeah, we're all living the good life. Whether it's hail rain or it's sunshine. We reach the top, we took the fall, but we laughed through it all. Cause dreaming of them better days, has always been our way" (The Script - Hail, rain of sunshine)
Maar ik weet ook, dat het leven wel schoon is. Tussen al die moeilijke vragen en pijnlijke momenten door. Dus ik sta vaker stil en kijk eens goed rond. Want schoonheid wacht niet.
Abonneren op:
Posts (Atom)